ooibos Duursche Waarden

Duursche Waarden wandeling | Knooppuntenroute

Met Wandelen in het hart van Salland in de aanslag draaien we het parkeerterrein van Informatiecentrum Den Nul op. Om het stuk lopen langs de provinciale weg door het dorp te mijden, zetten we koers naar de Groene Dijk achter het centrum. Volgens de kaart kunnen we daar linksaf en zo de route oppikken.

Helaas: de dijk is groen, maar het enige pad leidt schuin naar rechts.

Geen probleem. Dan lopen we in tegengestelde richting. ‘Wandelen door de Sallandse jungle’ heet de wandeling en natuurreservaat de Duursche Waarden is ons hoofddoel. Bovendien: de metalen hekken op de dijk janken als een windorgel en de asfaltwegen in Fortmond kunnen wachten.

De mutsen gaan op en de wanten aan. Rode pijlen wijzen de weg. We houden rechts aan. Alleen bij laagwater is dit gebied toegankelijk en dat is het nu. Door de regen van de afgelopen tijd is het pad echter kletsnat en glibberig. Te veel oog voor alle mossen op bomen en takken, en voor de struiken, het riet en het water daartussen maakt lopen riskant.

Oppassen geblazen – of lopen of kijken. Of een vies pak.

Afslag Vogelkijkhut maakt nieuwsgierig. Wat zouden we zien? Eén soort. In overvloed. Met verrekijkers en camera’s met teletelelenzen is elk kijkgat in de aardedonkere hut bezet. Kijken en wachten, de camera ingesteld, wachten. Stilte. We stellen ons een golf van opwinding in eenzelfde stilte voor, doorbroken door veelvuldig droog geklik van de apparatuur. En gefluister?

De route loopt verder noordwaarts onderlangs de winterdijk tot voor het typische huisje boven tegen het talud aan. Linksaf leidt hij via een trekpont naar de oevers van de IJssel. Een toegangsbord waarschuwt om 25 meter afstand te houden van paarden en runderen die hier grazen. Op het pad voorlopig alleen afdrukken van hoeven, en paardenvijgen.

Het landschap is weids. Op de rivier dobbert een sloep met twee vissers. Aan de overkant stijgt een zwerm ganzen op om onder luid geroep met een boog aan onze kant neer te strijken. Even later keren ze weer terug. Een eenling vliegt er gakkend achteraan. ‘Wacht op mij!’ De natuur is kaal en vaal. Kleine zandstrandjes doen vermoeden dat het fijn is hier met warm weer.

Aalscholvers rusten op rode driehoeken van kribbebakens. Steeds dichterbij komt de toren van de oude steenfabriek en de skyline van Veessen. Huize Ruys, een monumentaal pand met twee verdiepingen en daarop een open klokkentoren, steekt er vreemd af tegen de stacaravans links en rechts ervan. Het dorp aan de rivier telt 675 inwoners en drie campings.

Maar dan: daar zijn ze.

Twee dagen eerder is een man in natuurgebied De Maashorst door een tauros aangevallen. Hier zijn het Schotse hooglanders. We verlaten het pad en lopen rakelings langs het water. Wat zijn ze groot. Bij sommige is één hoorn alleen al breder dan de robuuste kop met de lange haren. Maar wat zijn ze mooi ook. En ze liggen allemaal lekker.

De schoorsteen en de overwoekerde ringoven ernaast herinneren aan de N.V. Steenfabriek Fortmond. Met klei uit de uiterwaarden werden hier van 1828 tot 1976 stenen gebakken, tot wel veertien miljoen per jaar. In het informatiecentrum laat vereniging ’t Olster Erfgoed in een expositie en boekjes een boeiende geschiedenis zien.

De moeite waard.

Moddermakers, natmakers, zanders, vormenvullers, afstrijkers, hitterijders, schabullen, neerslagers, opsnijders, opzetters, inzetters, stokers, uitkruiers en sorteerders. Hun dagen waren lang en het werk zwaar. En voor de uitkruiers heet bovendien: zo’n vijftig graden Celsius. Met een dienstverband zat je goed. Dagloners kregen per stuk betaald en als de klei ’s winters bevroor, lag de fabriek stil.

Waar anderhalve eeuw lang arbeiders dagelijks de rivier overstaken, vaart nu fiets- en voetgangerspont Kozakkenveer. Alleen in de zomer. Op de ringoven ligt zand en is een diversiteit aan planten gaan groeien. Binnen hebben vleermuizen een overwinteringsplek gevonden. In de natuur en rust van nu is de bedrijvigheid en het harde werk niet meer voor te stellen.

Staatsbosbeheer en Monumentenzorg hebben het gebied getransformeerd. Het zicht vanaf de uitkijktoren herinnert aan een derde factor: Ruimte voor de Rivier. Achter een cruiseschip dat stroomafwaarts vaart, zien we een lange dijk voor de inlaat van een hoogwatergeul. Ook in Fortmond stroomt meer water. Dat merken we als we teruglopen over de Juttengatsbrug. Meer dan honderd meter lang.

Terug in het informatiecentrum warmen we op in brasserie Op Duur. We bekijken de tentoonstellingen beneden, boven en in het bijgebouw en besluiten terug te komen voor een langere wandeling in Fortmond. In de zomer, om ook te zwemmen in de Lange Kolk of op zijn minst te pootjebaden in de IJssel.

Praktische informatie

Foto’s van de Duursche Waarden