strand Bergen aan Zee Trekvogelpad

Bergen aan Zee – Alkmaar | Trekvogelpad

‘Strand’ heet de halte in Bergen aan Zee waar bus 866 je zomers naartoe brengt. Het is het beginpunt van het Trekvogelpad en een halve kilometer lang mag je ook van het strand genieten.

Na een week vol regen en nog een druilerige ochtend schijnt na de middag de zon. Op het strand zijn alle plekjes in de luwte bezet – de noordnoordwestenwind heeft er vrij spel. Zwemmen en zonnen is er nog niet bij, maar genoeg mensen zoeken de zee weer op.

Met blote voeten in de Noordzee. Zo stelden we ons het begin van dit langeafstandwandelpad (LAW) voor. Bij het schoenen aantrekken om de duinen in te gaan, poetsen we ieder zandkorreltje zorgvuldig weg. De route is vierhonderd kilometer, waarvan we vandaag twintig lopen.

Langs het kruispunt van LAW’s bij het Zeehuis lopen we geleidelijk omhoog. Fietsers passeren, Duitsers met helm en Nederlanders zonder. Voorbij de kaartautomaat voor het Noordhollands Duinreservaat gaan we de wandelpaden op.

Aanvankelijk zijn er meer wandelaars, pratend en een enkeling luid telefonerend. Maar naarmate we het duingebied verder inlopen wordt het stiller. Het is er groen, de zon speelt door de bomen en door de regen van de afgelopen tijd geven het zand en de naaldbomen geuren aan de lucht.

Slangenkruid bloeit met roze en paarse kelkjes tegelijk. Knoppen van wilde kamperfoelie kleuren donkerrozerood. En die struik met bruinrode bessen – is dat sporkehout?

Afwisselend loopt de route door bos en over open vlakte. Heuvel op, heuvel af. Vanaf het uitzichtpunt op een hoge duin zien we de zee met het windmolenpark bij Egmond aan Zee en het dorp waar we vertrokken, en het polderlandschap met Alkmaar aan de horizon, ons doel vandaag.

Tot aan de Woudweg zijn de paden van stevig zand, daarna wordt het mul. Hier en daar staat tijm prachtig paars te bloeien. Regelmatig staan er bordjes met ‘Verboden toegang’ om wandelaars op het kronkelende pad houden.

Bij het passeren van drie lome Schotse hooglanders naast het pad wordt het even spannend. Een omweggetje is door de begroeiing niet eens mogelijk. Langzaam lopen we langs de beesten die gelukkig erg lekker liggen.

Het eerste vlakke land bij Wimmenum kondigt het einde van het duingebied aan. Door Egmond aan den Hoef lopen we langs overblijfselen van het slot van de heren van Egmond dat in 1573 door de geuzen werd verwoest. Informatieborden met verhalen en illustraties laten zien hoe groot het was.

Voorbij de provinciale weg voert de route kilometers over een grasdijk. Op de Hoevervaart scheuren meerdere Hielkes en Sietses in bootjes voorbij. We zien scholeksters en ganzen, zwaluwen scheren voorbij. Schapen staan nog in hun wintervacht te grazen. Een jonge fuut zwemt eenzaam zoekend rond.

Bij Heiloo passeren we de eerste molen, de Varnebroekmolen, genoemd naar de polder bij Alkmaar die hij aanvankelijk droogmaalde. Nu bemaalt de houten molen polder Het Maalwater waar we langs lopen tot we rechtsaf slaan en even later plots in het bos lopen.

Het Heilooërbos op Landgoed Nijenburg en ook de laatste kilometers door het Alkmaarder Hout naar het stadscentrum van Alkmaar zijn een mooie afsluiting van deze eerste, gevarieerde en veelal onverharde etappe van het Trekvogelpad.

Een goed begin.

Foto’s van etappe 1 van het Trekvogelpad