Je bekijkt nu Bad Bentheim | Groene wissel

Bad Bentheim | Groene wissel

Rozen bloeien rood en de fontein spuit in het Schloßpark bij het middeleeuwse kasteel in Bad Bentheim. Mensen zitten op bankjes, een kind speelt op blote voeten in het water en pal aan het park tekent zich een plaats vol beige en witte campers af. Het is een stralende septemberdag.

Hoog boven de tuinen staat Burg Bentheim. De kerktoren van de burcht steekt boven de toppen van de bomen uit. De route gaat door het park en klimt via een paadje tussen struiken en bomen door langs de steile rotswand de Schloßberg op.

Dikke steenbrokken lijken er los op elkaar te liggen. Toch torsen ze al duizend jaar het slot waar door de eeuwen heen meer gebouwen bij kwamen. Het huidige kasteel is museum, trouwlocatie maar ook nog steeds woning van de Fürst zu Bentheim und Steinfurt.

Hoe hoog het slot boven de omgeving uitsteekt, is te zien in de zonovergoten en rustige Sloßstraße. Mensen zijn hier vooral te voet. Kraaien vliegen door de blauwe lucht naar hun nesten aan de Batterijtoren. Op de terrassen tegen de kasteelmuren aan grazen schapen onder een boom.

Door de poort komt een gezelschap in feestkledij naar buiten. Aan de overkant lokt een overdekt terras toeristen met spandoeken met Duitse lekkernijen als Apfelstrudel mit Eis. Wij laten het kasteelmuseum en de horeca voor wat ze zijn en zetten koers naar het Bentheimer Wald.

Met vijftienduizend inwoners ligt het stadje snel achter ons. Via rechte boswegen gaat het verder. Over de spoorlijn Amsterdam-Berlijn, langs een houten uitkijktoren direct aan het pad en via een Waldlernepfad (een wandelpad waarlangs kinderen over het bos leren) naar het kuuroord.

Daar rijdt juist het treintje van de Bentheimer Eisenbahn voorbij. Sinds een jaar verbindt het Bad Bentheim met Neuenhaus. Aan het hagelwitte plaatsnaambord en dito bankje te zien maakt station Bentheim Bad zich op voor een nieuw en zinvol leven, maar vooralsnog tevergeefs.

Tussen de bomen door lonkt de parktuin van het kuuroord. Het oogt vredig. Terwijl de zon stralen laat vallen waar het kan, wandelen kuurgasten rokend, bellend of met krukken over de paden. Anderen maken gebruik van de banken en ligbedden. Hun fietsen staat ernaast.

Bij de ingang van de tuin staan een schaakspel, tafeltennistafel, beachvolleybalveld en midgetgolfbaan bij elkaar. Verder stralen de langgerekte witte laagbouw, witte banken met wit siersmeedwerk en het groen van oude bomen, struiken en het omliggende bos rust uit. Drie enorme blauwe ballen dobberen kalm op de vijver.

Eiken laten hun eerste vruchten vallen en een roodborstje komt nieuwsgierig kijken. Als een windvlaag een salvo van eikels op de golfbaan veroorzaakt, is het tijd om verder te gaan, langs een nieuwe uitbreiding in aanbouw naar het oerbos Hutewald.

Het Hute und Schneitelwald is 42 hectare groot en wil eeuwenoud bosgebruik in stand houden. Met gras om dieren te weiden, eikels als varkensvoer, en boomtoppen voor het loof als voedsel. Afgevallen takken werden als brandhout gebruikt. Inmiddels vormt het bos ook een zeldzame biotoop voor bedreigde plant- en diersoorten.

Vallende takken zijn een urgent onderwerp op de toegangshekken. Op rode waarschuwingsborden laat de tekening aan duidelijkheid niets te wensen over. De gemeente en de grondeigenaar, de Fürst, aanvaarden geen enkele aansprakelijkheid.

De wandeling volgt het pad dat kronkelt tussen jonge en oude bomen, levende en dode, door. Het bos is open – er groeit gras, en bramenstruiken overwoekeren omgevallen stammen. Ruig is het ook, hoewel jonge boompjes beschermd worden met harnassen van houten hekwerk rond hun stam.

Bij een boomstam met een bast vol gaatjes door insecten kijken we angstvallig omhoog. Komt hier misschien die dikke boomtak naar beneden? De boomkronen zien er opvallend fris en levenslustig uit.

Veel te snel verlaat de route dit bijzondere bos en volgt dan minutenlang de drukke Bundesstraße noordwaarts. Scholieren van het Gymnasium fietsen voorbij tot het linksaf gaat, een rechte bosweg in.

Twee kilometer tussen beschermingsgebied voor het wild door. Op het gegons van autowegen na is er geen mens te bekennen. Geen wild ook. Tijd om je hoofd leeg te maken.

Aan het eind lopen we linksaf en kruisen een beek waar alleen een plas water van de laatste regenbuien in staat. Het is een zandbodem met oevers die langs het bos loopt. Verderop ligt vers gekapt naaldhout, gesorteerd in rijen van afwisselend stammen en takken.

Na weer een afslag naar links volgt opnieuw twee kilometer rechte bosweg tussen wildbeschermingsgebied door. Met een knik erin dit keer. Daar rechts bieden twee verscholen bankjes onder een naaldboom rust bij een mysterieuze zwerfkei met gravure.

De initialen C en S met de datum 7.8.1950 onder een kroon. Wat kan dat zijn? Bij navraag blijkt dit een Prinzenstein te zijn met de initialen van Fürst Christian en Fürstin Sylvia, de bewoners van de burcht in de stad, die op de zevende dag in augustus 75 jaar geleden trouwden.

Nog meer historische stenen duiken op. Een barokke sculptuur van zandsteen herinnert aan de plek in het bos waar vroeger recht werd gesproken. En aan het eind van de weg staat een driehonderd jaar oude piramide. Beide zijn monumenten uit het Forstpark dat bij het slot hoorde.

De route slaat rechtsaf nu en tegen de richting van de pijl naar de zwavelbaden in loopt hij langs hotel/brasserie Bentheimer Hof in het voormalige stationsgebouw terug naar het beginpunt, het treinstation van Bad Bentheim.

Praktische informatie

Foto’s van Groene wissel Bad Bentheim